Lezing Stro
Jaap Vink van Stichting Stro (voorheen Aktie Strohalm) verzorgt `tijdens de Zonnemaand een lezing met als thema ‘Duurzame biobrandstof: kans voor mens en milieu’.
Deze lezing gaat over de mogelijkheden van écht duurzame biobrandstof, duurzaamheidscriteria en regionale economische ontwikkeling met een eerlijk inkomen voor kleine boeren.
Lezing ‘Duurzame biobrandstof in Midden-Amerika; kansen en perspectieven’
door projectcoördinator Jaap Vink
In de regio Yoro in Honduras werkt STRO al een aantal jaren een het project Gota Verde (‘Groene Druppel’). Gota Verde voldoet aan de criteria voor duurzame brandstof: `people, planet en profit´.
De olieproductie gaat niet ten koste van de voedselvoorziening, gemengde teelt met stikstofbinders als bonen, en pinda´s zorgt juist voor verrijking van de bodem. Oliepersing vindt in de regio zelf plaats, dat betekent dus werkgelegenheid. Beschermde natuurgebieden komen niet in gevaar.
In de regio Las Segovias in Nicaragua werkt STRO samen met coöperatie ‘20 de Abril’. Deze koffieproducent onderzoekt de mogelijkheden om lokale economie op duurzame wijze te stimuleren: biologische productie, waterbesparing en het gebruik van een eigen coöperatie munt.
Voor iedereen die belangstelling heeft voor alternatieve energie en duurzame werkgelegenheid.
Datum: 2 juli
Plaats: Hooghalen
Social TRade Organisation STRO werkt wereldwijd aan regionale economische ontwikkeling door middel van rentevrije handelsnetwerken met een eigen munt voor kleine en middelgrote bedrijven, consumenten en lokale overheden om vraag en aanbod bij elkaar te brengen.
STRO’s handelsnetwerken bieden goedkoop extra krediet, een langere circulatie van lokale koopkracht en een modern betalingssysteem. De economische mogelijkheden van arme regio’s worden zo vollediger benut.
STRO werkt samen met o.a. wijkorganisaties, ondernemersorganisaties, universiteiten, overheden, landbouworganisaties en vrouwenverenigingen.
STRO is bij regionale projecten betrokken als initiatiefnemer, adviseur, trainer en onderzoeker.
Biobrandstof: toen en nu
Het gebruik van wat we nu biobrandstof noemen is zo oud als de wereld. Zo werden altijd hout, houtskool, gedroogde uitwerpselen, plantaardige olie en dierlijk vet gebruikt. En ook anno 2010 gebruikt de helft van de wereldbevolking biobrandstof. In Nederland gebruikten we in de 17e eeuw walvisvet.
In 1813 vond Rudolf Diesel de interne verbrandingsmotor uit en deze liep op pindaolie. Pas sinds de ontdekking van olie in 1859 in Titusville in Pennsylvania gingen we over op gebruik van fossiele olie als brandstof.
Op dit moment is Brazilië de grootste producent van bio-ethanol en Duitsland produceert de meeste biodiesel (op basis van koolzaad).
Gota Verde gaat niet ten koste van landbouw
Het project Gota Verde ging in 2006 van start in de arme regio Yoro in Honduras. Gota Verde is in het eerste stadium een pilot om de productie van Jatropha-olie te toetsen aan de duurzaamheidcriteria van ex-minister Cramer.
Voorop stond dat de olieproductie op geen enkele manier ten koste van de landbouwproductie zou mogen gaan. En dat is zeker gelukt. De Jatropha-plant wordt in gemengde teelt met bonen en maïs verbouwd. Ook wordt het gebruikt in houtwallen. De boeren krijgen subsidie op de verbouw van voedselgewassen. Overigens is er in de streek meer dan voldoende landbouwgrond beschikbaar.
De Gota Verde olie is ook uitdrukkelijk voor lokaal gebruik bestemd, niet voor de export.
Uiteindelijk is het de bedoeling dat de bemesting volledig plaatsvindt met perscake. Daarvan is er nu echter nog te weinig beschikbaar, dus gebruiken de boeren kunstmest er in zeer afgepaste hoeveelheden. Uiteindelijk wordt in Gota Verde gestreefd naar duurzame elektriciteitsproductie.
Duurzaamheidscriteria
Gota Verde voldoet ook aan de andere duurzaamheidscriteria van ex-minister Cramer.
Zo moet gebruik van biomassa minder emissie van broeikasgassen opleveren dan
gemiddeld bij fossiele brandstof. Dat is het geval in Gota Verde: De Jatrophaplant slaat CO2 op. Dat betekent dat inkomsten kunnen worden gegenereerd voor de opslag van CO2.
Biomassaproductie mag geen beschermde of kwetsbare biodiversiteit mogen aantasten en zal waar mogelijk de biodiversiteit versterken. Ook aan dit criterium voldoet Gota Verde. Het project vindt plaats in een vrij droge omgeving waar zich geen tropisch regenwoud bevindt.
En tot slot: Gota Verde draagt bij aan lokale welvaart en welzijn.
Werkgelegenheid én extra inkomsten voor boeren
De uitvoering van Gota Verde is in handen van boerencoöperatie BYSA, die in 2008 werd opgericht. Er zijn 175 boeren en 25 boerinnen aangesloten. Er is in totaal zo’n 600 hectare grond in gebruik, gemiddeld 3 hectare per boer.
Het project levert werkgelegenheid op voor de mensen die in de persfabriek werken en voor de monteurs die de auto’s ombouwen voor gebruik van biodiesel. De boeren verwerven zich extra inkomsten met het project. In een later stadium zal worden onderzocht wat het project betekent voor de lokale economie.
STRO: lokaal geld
Als echt STRO-project is ook bij Gota Verde sprake van een lokale munteenheid, n.l. de peces. Boeren krijgen bij levering van Jatrophazaad aan BYSA betaald in peces. Hiermee kunnen ze in 26 winkels kopen. Samen leveren deze winkels vrijwel alle producten die nodig zijn.
De peces slaat goed aan.
Titus vertelt dat kinderen zelfs bedelen om peces. In 2009 was er een totaal van 107.000,00 peces ofwel circa 5000 dollar in omloop.
Lokaal productieproces
De Jatrophaplant heeft een zekere aanlooptijd nodig voordat de maximale productie wordt bereikt: 7 jaar. De plant geeft in totaal zo’n 30 jaar opbrengst.
Omdat niet alle boeren zo’n lange termijn visie hebben, is het van belang dat ook oliehoudende gewassen worden verbouwd waarvan op kortere termijn kan worden geoogst, zoals Castor en koolzaad.
De vruchten van de Jatropha worden met de hand geoogst, de zaden worden eruit gekraakt met behulp van een soort koffiemolen. Vervolgens vindt persing tot olie en perscake plaats. Alle apparaten die nodig zijn voor verwerking, persing en filtering worden lokaal gemaakt van materialen die lokaal beschikbaar zijn.
Het jatropha-zaad dat de boeren gebruiken is van hoge kwaliteit en heeft een boeiende historische tocht gemaakt. Het werd oorspronkelijk door de Portugezen vanuit Midden-Amerika naar de Kaap Verdische eilanden gebracht voor de zeepproductie. En nu is het dan weer terug in de regio van herkomst. Met één verschil: de vruchten zijn door goede teelttechnieken wat groter dan die van de oorspronkelijke Jatrophavruchten.
Energiebalans
De energiebalans verwijst naar de hoeveelheid energie die nodig is om een eenheid bio-olie te produceren. Zo heeft suikerriet-olie een energiebalans van 1:8. De ontwikkelingen rond cellulose-ethanol zijn veelbelovend: wellicht is in de toekomst een energiebalans van 1:36 haalbaar.
Voor Jatropha is de energiebalans zeker gunstig, n.l. 1: 25 onder de volgende voorwaarden:
* extensieve teelt, met gebruik van compost in plaats van kunstmest
* direct gebruik van bio-olie direct in de autotank zonder verder bewerkingen.
| < Vorige | Volgende > |
|---|








